Work in progress.
Work in progress.
Maarten Spruyt bij zijn inspiratie-muur.
Maarten Spruyt bij zijn inspiratie-muur.

Puck & Hans – Couture Locale

Puck: ‘Frans Ankoné is de fashionconsultant van deze tentoonstelling. Hij was moderedacteur van de New York Times en werkte voor het Avenue Magazine, het Nederlandse modetijdschrift. Maarten Spruyt is de stylist en gastcurator. Hans: ‘We kennen Maarten al heel lang als persoon maar hebben nog niet eerder met hem samengewerkt. We hadden al werk van hem gezien in Den Haag, Ode aan de Nederlanse Mode. Dat vonden we echt heel erg leuk. Onze ruimte in het museum is nu bijna af. Voor Maarten is het het makkelijkst werken als je thema’s hebt. Daar kan hij de kleding bij uitzoeken. Maarten heeft er daarom twaalf thema’s bij bedacht.

Spruyt en Eliëns aan het werk. Een kijkje achter de schermen. Hans zonder Puck.

De twaalf thema’s

‘Puck en Hans benaderden mij enige tijd geleden of ik de inrichting van de tentoonstelling wilde doen’, aldus Spruyt. ‘Ik was erg enthousiast en wilde ook graag gastcurator zijn. Als je eenmaal bezig bent met een tentoonstelling is het namelijk fijn als je meerdere beslissingen mag nemen.’ Alle podia hebben verschillende thema’s en daarmee ook andere poppen. De thema’s heeft hij van tevoren bedacht op basis van wat de klanten hebben ingebracht. Hij heeft duidelijk voor ogen hoe hij de poppen aan wilt kleden. Zo gebruikt hij voor het thema Birds of Paradise fellere kleuren en bij het thema Mongolië wilt hij dat de bezoekers een winters gevoel ervaren. Het thema India is vooral broeierig. ‘Je gaat heel erg door de kleding heen. Tijdens dat je dat doet, ben je je bewust van de verschillende thema’s.’ Als Spruyt iets tegenkomt dat bij het thema Sexy Zwart past, haalt hij dat er direct uit. Dit thema staat voor transparantie, heet en sexy en dus voeren doorkijkbloesjes en niemendalletjes de boventoon.

Thema Sexy Zwart.
Thema Sexy Zwart.
De lappenpop.
De lappenpop.

Bij het hele proces staat assistent Pieter Eliëns hem bij. Eliëns, sinds tweeënhalf jaar Spruyts assistent, heeft de Arnhemse modeopleiding afgerond en heeft zijn eigen agentschap, vertegenwoordigd door Unit. ‘Kijk deze lappenpop krijgt het thema Oosters’, aldus Eliëns. ‘Het thema Waterlelie is teerder en kwetsbaarder. We gebruiken daarom geborduurde lichte stoffen. Voor dit thema gebruiken we ook lappenpoppen.’ Dan zijn er nog de thema’s Silhouetten, Afrika, Documentaire en Bruiden.

Thema Zakelijk. Voguing.   Spruyt in actie.

Carmen

Op een aantal poppen staat de Herald Tribune afgebeeld. In de jaren ’90 ontwierp Carmen, de dochter van Puck en Hans, een Herald Tribune-overhemd als afstudeerproject aan ArtEZ in Arnhem. Haar thema was information overload. Carmen beplakte vervolgens verschillende etalagepoppen met de kranten. Puck en Hans besloten de poppen te gebruiken voor hun kleding. Puck: ‘Carmen is uiteindelijk modefotograaf geworden. Voor onze tentoonstelling fotografeerde ze de vintage kledingstukken met een model van nu. Spruyt heeft weer enkele poppen op met kranten bekleed voor het thema Zakelijk.’

Herald tribune t-shirt.
Herald tribune t-shirt.

Etalage

In de jaren ‘80 fietste menig Puck & Hans-fan ervoor om, de prachtige etalages van hun winkel aan het Rokin. Met zo een etalage waren ze soms maanden bezig. Naast de twaalf thema’s maken Puck en Hans tevens hun beroemde etalage. Door middel van de geslaagde crowdfundingsactie kan de etalage nog eenmaal shinen: dit keer niet aan het Rokin, maar in de eeuwenoude regentenkamer van het Amsterdam Museum.

Hoeden.
Hoeden.
Hier hangt de kleding nog aan de rekken.
Hier hangt de kleding nog aan de rekken.

Opsporen

Hans komt aan met een dienblad. ‘Zo, even lunchen’, zegt Puck. ‘Het meeste werk was het opsporen van de kleding. We zijn het hele land afgereisd op zoek naar spullen.’ Hans: ‘We dachten dat er weinig kleding over zou zijn. Pakken wat we pakken kunnen dacht ik. Maar we kregen zo ontzettend veel meldingen binnen. Geweldig. In onze auto tuften we door het hele land om kledingstukken op te halen. En overal gezelligheid hé. Op een gegeven moment konden we het niet meer alleen af: er zijn meer dan 1500 kledingstukken verzameld. Het was zoveel dat we niet eens alle specifieke stukken konden gebruiken’, zegt Hans kauwend op een broodje. Puck: ‘Sommige kledingstukken zijn dertig a veertig jaar oud want we zijn in 1968 begonnen en stopten in 1998. We zijn al twintig jaar niet meer aan het werk. Een van de sjaalrokken behoort tot onze oudste items. Deze komt ook te hangen in de tentoonstelling.’ ‘Puck, heb je je croissant al op?’ vraagt Hans. ‘Nee!’, zegt Puck, ‘en dat wil ik ook niet. Ik word knetterdik haha. Schrijf maar op, leuk. We moeten weer aan de slag.’

Puck & Hans. Puck & Maarten. De kleding uitgestald op zeil op de grond.

Meer informatie: