In de film zijn hoofdrollen weggelegd voor oud-nieuwslezeres Noraly Beyer en hiphop-muzikant Glen de Randamie – bekend als Typhoon. In de film gaan zij op onderzoek naar hun voorouders die in slavernij leefden. Het levert verrassende, ontroerende, pijnlijke, maar soms ook mooie, bitterzoete geschiedenissen op. Zowel Beyer als De Randamie worden geconfronteerd met verrassende feiten uit hun familiegeschiedenis en het is indrukwekkend om te zien hoe zeer het ze raakt.

Amsterdam had een zeer nauwe betrekking met Suriname en ook met de slavernij aldaar. Plantage-eigenaren waren niet zelden van Amsterdamse komaf en de kooplieden die profiteerden van dit barbaarse systeem woonden in Amsterdam, soms in grachtenpanden waar ze zonder schaamte symbolen van de bron van hun rijkdom plaatsen. In de film laat Jennifer Tosch, oprichter van de Black Heritage Tours, zien waar in de stad deze sporen te zien zijn.  Kunstenares Patricia Kaersenhout laat zien hoe zij de koloniale geschiedenis in Amsterdam ervaart. Het beeld van haar kunstwerk waar bloed op suikerbroden (de vorm waarin geraffineerde suiker werd verkocht) druppelt en de vorm van Afrika aanneemt laat je niet snel los.

Het kabramasker, dat bij de herdenking ook een rol zal spelen, komt in de film een aantal keer voor. Het symboliseert de voorouders en speelde zo ook een rol in de grote zaal in Hollanders van de Gouden Eeuw, waar op die manier de voorouders de ontmoeting aangingen. Hier zie je twee kanten van een bijzonder pijnlijke onderdeel van onze geschiedenis. Nazaten van tot slaaf gemaakten en nazaten van mensen die in een stad of land leefden die profiteerden van dit barbaarse systeem wonen samen in Amsterdam en Nederland. Dat is een gevolg van de geschiedenis, maar - als we elkaar willen begrijpen – ook impliciet een opdracht om gezamenlijk deze geschiedenis te bestuderen en bespreken. Er zijn vele verhalen als die van de voorouders van Noraly Beyer en Glen de Randamie. Laten we ze uit de schaduw van de geschiedenis halen.