Onder Rembrandts vleugels

Op zijn achttiende was Govert volleerd schilder. In Amsterdam werkte een schilder, wiens schilderijen zeer in de mode waren; Rembrandt van Rijn. Flinck plakte een jaar aan zijn opleiding vast en ging bij hem in de leer om die zo gewilde stijl onder de knie te krijgen. In 1635 verliet Rembrandt het atelier van Uylenburgh. Flinck bleef en nam de positie van Rembrandt als hoofd van het atelier over. Hij produceerde portretten, landschappen en historiestukken. Aan klandizie had hij geen gebrek, onder andere omdat hij een zeer rijke familie van moeders kant had. Dit was de doopsgezinde familie Leeuw, die in Amsterdam woonde.

Dirck Leeuw door Govert Flinck
Dirck Leeuw door Govert Flinck

Grotere opdrachten 

In 1644 kocht Flinck een dubbel pand aan de Lauriergracht, naast zijn neef Dirck Leeuw. Een jaar later trouwde hij met de dochter van een Rotterdamse VOC-bewindhebber, Ingitta Thovelingh, met wie hij een zoon kreeg. Ondertussen was Flincks ster als schilder rijzende. Hij kreeg eervolle opdrachten voor schutterstukken in 1642, 1645 en 1648, maar had de ambitie om nog grotere opdrachten binnen te slepen. Het grote doel: de decoraties voor het nieuwe Stadhuis op de Dam (tegenwoordig het Koninklijk Paleis). De bouw daarvan was in 1648 begonnen. Het is overduidelijk dat zijn carrière sindsdien gericht was op het maken van grootschalige decoraties. Zo tekende hij samen met andere schilders, waaronder Ferdinand Bol, naar naaktmodel. Dit diende ter inspiratie voor de Romeinse en Griekse vertellingen die in het Stadhuis moesten komen. Ook werden hij en Bol samen met een aantal andere schilders op dezelfde dag poorter van de stad Amsterdam. Dit laatste was een voorwaarde om in aanmerking te komen voor opdrachten.

Catharina
Catharina - Naaktmodel door Govert Flinck

Het hoogtepunt  

Nadat vijf jaar eerder zijn vrouw Ingitta was overleden, hertrouwde Flinck in 1656 met Sophia van der Houve uit Gouda. In 1656 en 1658 schilderde Flinck grote schoorsteenstukken in belangrijke zalen van het Stadhuis. Eind 1659 sleepte Flinck de meest eervolle opdracht van zijn carrière binnen. Hij mocht twaalf historische voorstellingen voor de galerij van het Stadhuis schilderen. Dit had hem naar de absolute top kunnen brengen, maar het mocht niet zo zijn: hij stierf, op 2 februari 1660, op 45-jarige leeftijd.

Wil je weten hoe het Govert Flinck in zijn jonge jaren verging? Lees hierover op de blog van Het Rembrandthuis.