Thea Wickel ca 1985 fotograaf onbekend

Psychiatrisch of pervers

Vijftig jaar geleden werden transgenders nog gezien als psychiatrisch patiënt, pervers of als beide. Erkenning van je eigen identiteit als vrouw, man of iets ertussen in, leek een utopie. Vooral transvrouwen werden ervan beticht ‘de kluit te belazeren’. Transgenders moesten zelf vaak ook nog uitzoeken wat hun gevoelens betekenden: ging het om de innerlijke noodzaak je op gezette tijden om te kleden of om een permanente fysieke en sociale oversteek naar het andere geslacht? Wat was er mogelijk? Er waren nauwelijks voorbeelden en veel mensen met transgender gevoelens dachten dat ze de enige waren. En dus misschien tóch wel gek.

Uit de duisternis

Ook de Amsterdamse Thea Wickel, in 1923 geboren als jongen, kende niemand anders met dezelfde gevoelens. Maar zij wilde zich niet langer verstoppen en ging op zoek naar gelijkgestemden. Ze kwam uit bij de Nederlandse Vereniging voor Seksuele Hervorming (NVSH). De NVSH was rond 1970 hét emancipatiepodium voor seksuele minderheden die zich in de duisternis hadden verborgen en aan taboes raakten, zoals sado-masochisten, pedofielen, swingers. En nu de ‘travestieten’-praatgroep: zes mensen kwamen samen, die eerste keer, op 4 februari 1970. Thea Wickel zou het later als haar tweede geboortedag beschouwen.

T&T

De groep werd te groot voor huiskamerbijeenkomsten. Het was inmiddels 1974 en de NVSH betrok een pand aan de Amsterdamse Blauwburgwal. Nu konden er open avonden georganiseerd worden. Maar kiezen voor openheid was niet zo maar wat: het kostte een lange discussie plus de belofte dat er een paar uitsmijters kwamen om ongewenste bezoekers te verwijderen. Na het grote succes van de eerste avond ebde de angst snel weg. In no time werd het een vaste avond, de eerste woensdag van de maand. De T&T-avond, zoals het nu heette, van de Werkgroep Travestie & Transseksualiteit van de NVSH werd een begrip. Thea Wickel was de centrale figuur, als gastvrouw ontfermde ze zich over nieuwkomers.

Gastvrouw en politieagent

Zo betekende ze heel veel voor de transgenders voor wie de T&T-avond een lang gezochte, levensreddende plek was. Vaak was Thea de eerste bij wie mensen hun hart uitstortten over hun gekmakende gevoelens. Thea luisterde en introduceerde hen bij de anderen. Wel gaf ze een dwingend advies mee: geef, zeker de eerste paar keer, geen persoonlijke details, geen telefoonnummer, geen adres. Praat niet over geloof, niet over politiek. We zijn gezellig onder elkaar, we praten alleen over dingen die onszelf aangaan. Er waren meer ongeschreven gedragsregels: ongeschoren binnenkomen was een doodzonde, net als koketteren met seks. Thea lette goed op:

“Ik was gastvrouw en een soort politieagent: ik hield voyeurs buiten de deur en gooide mensen eruit die zich niet gedroegen. En ik corrigeerde degenen die in een overmoedige bui luidkeels vanuit onze bar de straat opgingen. Dat vond ik te gevaarlijk.” (Citaat van Thea Wickel, in Alex Bakker, ‘Transgender in NL. Een buitengewone geschiedenis’ (Boom Uitgevers, Amsterdam 2018)

Tekstbord NVSH: ontmoetingsavonden pedofielen, travestieten en transseksuelen, en vrij-veilig-feesten - Collectie Amsterdam Museum KA 20426.5

Vrouw-zijn

Bij de T&T-groep kwamen zowel travestieten als transseksuelen. Thea adviseerde diegenen met duidelijk transseksuele gevoelens altijd om met hun huisarts te gaan praten, ook al waren ze bang. Volgens haar moesten ze vroeger of later immers toch uitzoeken welke stappen ze konden zetten. Meer en meer bezoekers van de Blauwburgwal kozen die optie.

“Eindelijk kwam ik die bar binnen en ik zag alleen maar vrouwen zitten. Ik dacht dat ik fout zat en draaide me alweer om toen een dame me aansprak: Je zit wel goed hier, hoor. Dat was Thea, de gastvrouw en oprichtster van de groep. Die had natuurlijk in de loop der jaren tientallen mensen net zoals ik zien binnenkomen met gespannen tred en een angstige blik in de ogen. Die maandelijkse avonden zijn enorm belangrijk voor me geweest. Voor heel veel transvrouwen, weet ik. Een grote bevrijding: je voelde je gezien, erkend in je vrouw zijn, je kon vrijuit praten en het was ook gewoon heel gezellig.” (Citaat van Ati Floor, in Alex Bakker, ‘Transgender in NL. Een buitengewone geschiedenis’ (Boom Uitgevers, Amsterdam 2018)

Wickel bokaal

Een wisseltrofee

Thea Wickel is inmiddels dik over de negentig. Haar betekenis voor de emancipatie van transgenders, vanaf 1970 tot aan eind jaren negentig, kun je nauwelijks overschatten. Het is niet voor niets dat begin jaren negentig de Thea Wickelbokaal in het leven werd geroepen: een wisseltrofee voor mensen die transgenderbelangen behartigden. Jarenlang heeft Thea zich ingespannen om anderen op weg te helpen, zowel bij de maandelijkse avonden als aan de telefonische hulplijn.
Maar het levensgeluk dat generaties transvrouwen met haar hulp konden vinden, bleef voor haarzelf een moeilijk traject. Op uitdrukkelijke wens van haar echtgenote beperkte Thea haar transgender expressie tot binnen de T&T-groep. Voor de buitenwereld functioneerde ze min of meer als man en iets als voorlichting geven in de media was, tot haar spijt, zeker niet aan de orde. De Blauwburgwal was dan ook méér dan de maandelijkse T&T-avond: het was Thea’s tweede thuis, waar ze zich kon omkleden en zichzelf kon zijn. Ze had een kledingkast voor al haar dameskleding, schoenen en pruiken. In 1998 sloot de Blauwburgwal zijn deuren en kon Thea niet meer over haar schatkamer beschikken. Hierover zegt ze nu:

"Dat het omkleden niet meer kan, is zwaar. Ik heb het er moeilijk mee en ik mis het. Zeker omdat het voor mij een soort levensbehoefte was, een peppil waarop ik dagen, soms weken kon teren. Hoewel het omkleden is verwaterd, is het vrouw-zijn nog elke dag aanwezig. Van de honderd keer dat ik word aangesproken is het tot mijn grote genoegen zeker 95 keer met ‘mevrouw’. Wat dat betreft, heb ik nog altijd plezier van alle ellende die ik heb gehad. En spijt? Dat heb ik niet." (Citaat uit in mei 2018 te verschijnen boek van Eveline van de Putte, ‘Nieuwe Namen, verhalen van transgender ouderen’ (uitgeverij De Brouwerij/Brainbooks)

De T&T-groep is na 1998 doorgegaan, los van de NVSH en op wisselende locaties.  Thea komt vanwege haar hoge leeftijd vrijwel niet meer bij de bijeenkomsten. Maar haar nalatenschap is onuitwisbaar en krijgt elke eerste woensdag van de maand weer betekenis voor nieuwkomers en oudgedienden. Nu al meer dan 48 jaar komen Amsterdamse transgenders zonder uitzondering maandelijks samen. Zie:  https://transgendersamsterdam.nl/

  • Een uitgebreid interview met Thea Wickel kan je vanaf 24 mei 2018 lezen in het dan te verschijnen boek van Eveline van de Putte, ‘Nieuwe Namen, verhalen van transgender ouderen’ (uitgeverij De Brouwerij/Brainbooks).
  • Voor een overzicht van de Nederlandse transgendergeschiedenis: raadpleeg het onlangs verschenen werk van Alex Bakker, ‘Transgender in NL. Een buitengewone geschiedenis’ (Boom Uitgevers, Amsterdam 2018)