Hun schilderstijl behoort tot de Romantiek. Dit is een kunststroming waarin het voelen belangrijker wordt gevonden dan het denken. Romantische schilders zien de natuur als het hoogste ideaal. Ze schilderen natuurlandschappen dan ook meestal mooier en grootser dan deze in werkelijkheid zijn. Vergeleken met de overweldigende kracht van de natuur is de mens maar nietig en onbetekenend. In romantische schilderijen zie je dan ook vaak dat de natuur het gehele doek vult, terwijl personen maar heel klein afgebeeld zijn.

Barend Cornelis Koekkoek (1803-1862) is zo’n Nederlands romantisch landschapsschilder. Hij schildert vaak bossen, bergen, weidse vlaktes en ijsgezichten met daarin kleine wandelaars of boeren met vee. Op het hier getoonde schilderij uit 1845 staat een kasteel centraal. Aan de linkerkant van het kasteel zijn vlakke weilanden te zien, doorkruist door een rivier. Rechts gaat de lage grond over in een meer bergachtig gebied. Een man met een kar getrokken door paarden kruist op het pad een andere man met een hond. Langs het pad staat een kruis, waar een man en een vrouw bij bidden.

Natuurlijk ziet het Nederlandse landschap er in het echt niet of nauwelijks zo uit. Het rustige platteland moet in de negentiende eeuw zelfs steeds meer plaatsmaken voor de steden, die in rap tempo groeien. Om deze steden met elkaar te verbinden, worden spoorwegen aangelegd. De eerste Nederlandse spoorweg tussen Amsterdam en Haarlem wordt in 1839 geopend. Hierdoor kan men in slechts 25 minuten tussen de twee steden reizen.

Niet lang na de aanleg van de eerste spoorweg volgt een tweede van Amsterdam via Utrecht en Arnhem naar Duitsland. Deze spoorlijn heet de Rhijnspoorweg. Speciaal voor deze treinverbinding wordt in 1843 een eerste station in Utrecht geopend. Dit station wordt enkele malen uitgebreid en in 1909 omgedoopt tot ‘Centraal Station’.

Bouw van de kap over Utrecht CS, 1894. Collectie Spoorwegmuseum.

Op deze foto uit 1894 is de bouw van een kap over station Utrecht Centraal te zien. Bovenop de ijzeren constructies zijn arbeiders aan het werk. Over het spoor komt een stoomtrein het beeld in rijden. Het geheel wekt een moderne en actieve indruk. Deze foto vormt zo een tegenpool van het verstilde romantische landschap van Koekkoek.

In de tentoonstelling De IJzeren Eeuw hangen de twee kunstwerken ook letterlijk tegenover elkaar. Romantiek en modernisme, of olieverf en ijzer, vormen beide namelijk twee belangrijke bouwstenen van deze eeuw van uitersten.