Een blik achter de schermen

Nieuwe transport en opslagkist

Tijdens de opstelling van de betimmering in het N.I. hebben we kunnen constateren dat de ruimte met een vrijwel vierkante plattegrond heel geschikt was als centrale ontmoetingsplaats in de museumzaal voor rondleidingen, lezingen en zelfs etentjes. Vroeger was de kamer kleiner en meer rechthoekig, wat samenhing met de typische standaardpercelen en huizenbouw aan de Amsterdamse grachten. Omdat die traditionele context later in het Stedelijk Museum ontbrak kon het gebeuren dat daar een doorgang naast de schouw gemaakt werd. Dit was aan de Keizersgracht nogal onwaarschijnlijk omdat men dan bij de buren op nummer 187 zou zijn binnengestapt.

Doorgang schoorsteenwand

Reconstructie plattegrond Keizersgracht 185

Het weglaten van het stucplafond en de wandbespanning – dat laatste is niet bewaard gebleven – en het ontbreken van een traditionele vloer zorgde in Rotterdam voor een vervreemdend effect. De luxueuze beslotenheid die de kamer aan de Keizersgracht kenmerkte en die ook in het Stedelijk bestond, was nu ingeruild voor een soort doorkijk-opstelling.

De achterwand van buiten gezien

Doorkijkje

Aan de andere kant had je door de opengewerkte constructie van de wanden goed zicht op de architectonische structuur; profileringen waren dikwijls in doorsnede zichtbaar en de opbouw van wanden was nu ook aan de achterzijde te bewonderen.
Hierdoor was ook het onderscheid tussen origineel materiaal en later toegevoegde onderdelen vaak sneller te maken. De latere onderdelen vallen op door ander soort naaldhout dat vaak een afwijkende kleur heeft. Ook de constructietechniek - gesmede nagels versus draadnagels - of vervaardiging -raamzaag versus cirkelzaag – kunnen verschillen.

Pilaster

Vergelijking achterzijde pilaster – platstukken en lambrisering & zaagsporen van de houtzaagmolen op de achterzijde van een pilaster


Aanvulling lijstwerk bespanningsvak voorzijde

De kamerwanden zijn aangepast voor plaatsing in het Stedelijk Museum. Alle wanden zijn ca. 1 meter verhoogd. De raamwand is volledig vervangen, bij de overige drie zijn lambriseringen en bespanningsvakken tussen de pilasters verbreed. Terwijl de lambriseringen daarbij geheel vernieuwd zijn, werden de profiellijsten met opgelegd snijwerk rond de bespanningsvakken zijn grotendeels hergebruikt. Het is goed zichtbaar waar ze zijn aangevuld; daar is het goedkopere naaldhout en pâte toegepast in plaats van eiken profielen met snijwerk van linden.

Aanvulling lijstwerk bespanningsvak achterzijde

Afwisselende ‘groeirichting’ in het snijwerk

Merkwaardig genoeg is ook de oriëntatie van het snijwerk in de lijsten in het Stedelijk gewijzigd. Vanuit een centraal bloemmotief midden op de bovenregel vertrokken omlopende bladranken naar links en naar rechts, gingen vervolgens langs de stijlen naar beneden en ontmoetten elkaar weer midden op de onderregel. Dat is nu omgekeerd: boven en onderregel zijn verwisseld, stijlen zijn gedraaid en de bladranken hangen nu niet meer maar wijzen omhoog.

UvA studenten Bram & Elise monteren de lijsten verkeerd om, zoals het in het SMA was

De deurwand

In een eerdere blog is al melding gemaakt van de nieuw vervaardigde dubbele deuren. Bij de opstelling viel op dat het deurkozijn gedecoreerd was met motieven die verder niet in het Keizergracht interieur voorkomen, maar vaak wel toegepast zijn in de zgn. Directeurskamer uit Herengracht 40 (KA 7084). Het gaat hier om de laurierbladmotieven op de bovendorpel en de kymation motieven en parellijstjes bovenaan de stijlen. Waarschijnlijk zijn hier dus onderdelen uit de ene stijlkamer ingepast in de andere.

Het hoofdgestel

met van boven achtereenvolgens kroonlijst, modillons (een soort consoles), tandlijst, architraaf, ornamentpanelen en kapitelen

De wandverbreding is ook in de kroonlijsten herkenbaar; ze zijn verlengd met nieuwe delen en aangevuld met nieuwe modillons van gips.

Losse modillons voor- en onderzijde

Vernieuwde kroonlijst met gips modillons (datering!)

Bij inbouw in het SMA ongebruikte kroonlijstdelen (boven) en later bijgemaakte kroonlijst (onder)

Enkele ongebruikte wormstekige stukken van de oude kroonlijst gaven interessante informatie omtrent de kleur van de kamer juist voor sloop. Omdat ze nooit herplaatst zijn in het SMA zit er geen latere museumoverschildering op. Het is interessant om te zien hoe deze kleur, een soort groenig-oker overduidelijk de kleurkeuze in het museum tot voorbeeld gediend heeft, hoewel ze niet geheel exact gekopieerd is.

Iris Broersma legt eerdere verflagen bloot

Onder dit oker zitten echter nog eerdere kleuren. Hoe de kleurstelling van de kamer in het begin eruit zag, is onderzocht door Iris Broersma, student Restauratie Historische Binnenruimtes UvA. Hiervan zullen de resultaten t.z.t. worden bekend gemaakt.

Een verftrapje met monsterlocatie op een kroonlijstbalk

Een verftrapje op een kapiteel

Een vrijgelegd stukje originele marmering op de pilaster

De forse verhoging van de kamer in het Stedelijk bracht belangrijke wijzigingen aan het hoofdgestel met zich mee. Een nieuw ontworpen architraaf en ornamentpanelen tussen de kapitelen werden toegevoegd. De ranken op de ornamentpanelen zijn daarbij van het houtsnijwerk boven de schouw gekopieerd in pâte. Pâte is een soort krijt/lijm/olie-deeg dat in mallen gedrukt werd om op goedkopere wijze ornament te kunnen reproduceren.

Boven het  originele houtsnijwerk paneel van de schouw, onder het latere pâte-ornamentpaneel.

Zoek de verschillen; bij de kopie werd het ornament verbreed door extra tussengevoegde rankjes en bladmotieven.



De pilasters zijn ca. 50 cm. verlengd met aangezette stukken bovenaan, terwijl aan het ondereinde de basementen een extra plint hebben gekregen. Het lijkt er namelijk op dat de een ca. 10 cm lang deel van de schacht oorspronkelijk in de vloer stak. In het SMA daarentegen is de plint verhoogd zodat de gehele pilaster op de vloer gezet kon worden.

Voor- en achterzijde pilaster

Na deze recente opstelling in het N.I. kan geconcludeerd worden dat de betimmering uit Keizersgracht 185 een pastiche is. Ze is samengesteld uit originele en nieuwe onderdelen tot en genre interieur voor het Stedelijk Museum en ze is daardoor nu vooral een eind 19de-eeuwse creatie. De interieurkunst uit die tijd blonk uit in stijlcitaten en het is dan ook niet verwonderlijk dat de timmerlieden, vergulders en schilders van toen prima in staat waren tot aanvullingen in de gewenste stijl of het smaakvol inpassen van oude elementen in een nieuw geheel.

Met alle respect voor de inventiviteit en de kunde waarmee dit gebeurde, is deze versie nu toch sterk gedateerd. Ze is bepaald door enigszins willekeurige eisen die het museumgebouw stelde en de ondergeschikte rol van decor die het historisch interieur daar toen vervulde. De aanpassingen die dat tot gevolg had belemmeren de beeldvorming en waardering van het originele interieur.

De opstelling in het Nieuwe Instituut heeft o.a. gediend als een soort status quo. De conditie van de onderdelen is nader bekeken en verkennend onderzoek heeft meer duidelijkheid verschaft omtrent hun authenticiteit. We hebben in discussies met externe experts vastgesteld dat een reconstructie van het originele interieur een interessante optie is.

De informatie over het interieur kan nog verfijnd worden dankzij een verbeterde registratie. Op basis van opmetingen – er is o.a. een 3D-scan van het interieur gemaakt – moet het mogelijk zijn een virtuele reconstructie van het originele kamerinterieur van Keizersgracht 185 te maken. Op die manier kan beoordeeld worden hoe de echte reconstructie eruit zou gaan zien.

Met dank aan:
Floor van Arkel, Marjolein de Bakker, Iris Broersma , Hennie Brouwer, Jurjen Creman, Frederik Franken, Richard Harmanni, Joost Hoving, Reinier Klusener, Barbara Laan, Lukas Meier, Miko Vasques Dias