Noach met de ark (geplukt van een website in Bijbelse cadeau-artikelen)

Reisje langs de Rijn

Christiaan Pieter van Eeghen was er het type niet naar om uitgebreid te schrijven over zijn gevoelens. Althans, in zijn brieven heb ik daar (helaas) nog niet veel bewijs van gevonden.  Maar heel soms heb je geluk. En dan blijkt zelfs de grote zakenman ooit een klein jongetje te zijn geweest.

Op 6 juni 1882 schreef Van Eeghen een brief aan zijn oudste zoon Pieter en diens vrouw Maria van Eeghen-de Clercq. De oude Van Eeghen was toen 65. Blijkbaar had in een vorige brief iets gestaan over een poppetje van Noach, waarmee kleinzoon Christiaan speelde. Daardoor kwam er een herinnering bij hem boven. Hij schrijft:

De kleine Christiaan en zijn vader Noach bragt bij mij in heldere herinnering de dagen mijner vroege jeugd. Grootvader P v Eeghen hertrouwde toen ik 3/4 jaar was en kort daarna deed hij met Grootmama een reisje langs de Rhijn. Ik ging zoo goed als het kon mee, onder geleide van de trouwe Nano.

En nu was mijn voorname speelgoed op die reizen juist ook een Vader Noach met zijn vrouw. [...] houten figuurtjes, die ik nooit verliet en die zelfs in mijn bed sliepen. Zoo gebeurde het ook dat ik ze meenam, toen wij in een bootje over de Rhijn voeren van Coblenz naar Ehrenbreitstein. Ik had ze op de kant van de boot geplaatst toen een onverwachte golf Vader Noach en zijne gade in het water deed tuimelen.

Alsof het gisteren gebeurd was, zie ik ze nog draaijen in het water. Zinken, en weder boven komen. Tot tweemaal toe, tot dat de stroom ze voor goed wegvoerde en Noach tot mijn bittere smart voor goed verdween.

Negentiende-eeuwse speelgoedark van Noach, gemaakt in Duitsland.

Zondvloed 

Zo kwamen de helden die de Bijbelse zondvloed overleefden alsnog om in de negentiende-eeuwse golven. Voor de ogen van de kleine Piet van Eeghen. Zijn verdriet zal niet anders zijn geweest dan dat van een vierjarige van nu, die zijn lievelingsknuffel ziet verdrinken. Of  zijn favoriete autootje van Bliksem McQueen overreden ziet worden. Speelgoed verandert, maar peuterverdriet is van alle tijden.

Je zou zo graag weten hoe het verder ging. Werd de kleine Piet getroost door zijn vader of door de nieuwe stiefmoeder? Of lieten ze dat over aan Nano, het trouwe kindermeisje? Was dit het moment dat de kleine Van Eeghen besloot om later een museum te bouwen, zodat zijn geliefde spullen nooit meer konden verdwijnen? Dat zou al te mooi zijn, daar geloof ik niet in. Maar het zou wel een goed verhaal zijn.